Een omslag met daarop een onstuimige schildering van een donkere lucht, zee met wilde golven en in gele letters de titel trekt de aandacht. Ik blader vaak snel door een boek en werp een blik achterin; ha, in deze een korte verantwoording en literatuurlijst. Dat betekent dat voor deze roman onderzoek is gedaan.
Ontaard van Marion Bruinenberg gaat over de landverhuizers die tijdens het interbellum van Nederland naar Canada emigreerden, een onderwerp dat je maar zelden tegenkomt. In Drenthe werd in 1925 nog veen afgegraven maar de ontwikkelingen naar moderne elektrische tijden bereikten ook die provincie. Het werk nam af en leverde minder op.
‘Het was een regenachtige maandagochtend toen Roelof naar het natte veen, de moerassen, de zompige grond en de aangekoekte modder op zijn kleren keek, en dacht: dit kan beter.’
Roelof heeft in Klazienaveen iets gehoord over het grote lege land Canada dat mensen nodig heeft. Zomaar ineens besluit hij dat hij het daar gaat maken en dus wegtrekt bij familie en verloofde. In Rotterdam aangekomen gaat er al een wereld voor hem open met alle moderne bouwwerken (‘In Rotterdam hielden ze van bruggen bouwen. En hij stak ze allemaal over.’), waarna een lening voor de overtocht volgt en uiteindelijk de SS Rotterdam. Wie het huidige museumschip bezoekt, ziet er de pracht en praal, maar Roelof zit er in de derde klasse. Alle ongemakken van dien worden levendig beschreven.
Zijn verhaallijn wordt afgewisseld met die van zijn naamloze achterkleindochter in 2025. Zij vindt een bundel brieven in de overgebleven inboedel van haar overleden oma die zo graag verhalen vertelde (‘mijn oma, teruggebracht tot dingen’) waarin Roelof gewag maakt van geweldige belevenissen en successen in Canada. De poststroom is plots gestopt, de oma heeft het nooit over die man gehad, zij gaat het verhaal reconstrueren.
Hoewel beschrijvingen van de omgeving al goed in tekst worden gegeven (zonder te uitgebreid te worden), zoals met Roelofs eerste aanblik van Halifax in Canada, zijn de foto’s bij het verhaal een goede toevoeging. Zoals altijd in de historische context geldt: een afbeelding vormt een soort bevestiging van wat je leest. Daarbij is het leuk om te zien waar een schrijver tijdens diens zoektocht op is gestuit.
In zekere zin heeft Bruinenberg haar zoektocht naar beelden in 3D uitgevoerd. Volgens de verantwoording is de verhaallijn van Roelof losjes gebaseerd op haar opa en zijn broer en zijzelf is ook met een schip de oceaan over gevaren. Eigen ervaringen tellen extra voor de geloofwaardigheid van een verhaal, hoe goed je tegenwoordig in Montreal kunt fietsen bedenk je vast niet zomaar.
Waar Ontaard een gefictionaliseerde zoektocht is naar feiten, is het ook een boek over gevoel, het ongrijpbare, fantasie.
De oma was een zeemens, woonde na een varend leven op een woonboot. Vol verhalen, vrij in haar hoofd, toch ook gebonden aan de woonboot totdat ze er gedwongen uit moest. De moeder van de kleindochter-verteller is een landmens, zit juist vast in haar hoofd en aan de plaats, is pessimistisch over alles. ‘Verwachtingen leiden alleen maar tot teleurstellingen.’
De kleindochter is door opvoeding ook in vaste patronen gezet, wordt door oma echter gestimuleerd in fantasie. In het nagaan van Roelofs geschiedenis komt die fantasie-exercitie tot uiting: soms worden zijn belevenissen in twee verschillende scènes uitgeschreven.
Je zou diezelfde oefening ook op schrijversniveau kunnen duiden door de continue afwisseling in tijdslijnen: zodra de kleindochter-in-het-verhaal iets ontdekt over haar voorouder, kan het verhaal van Roelof weer een stukje verder geschreven worden.
Zo beschouwd kun je nog wel een uitgebreidere literaire analyse op de narratologie maken, het is een verhaal met meerdere lagen. Of je zin hebt in analyseren of niet, Ontaard is in elk geval een goede fijn lezende roman met een pakkend verhaal dat lezers verdient.
‘Pessimisme is ook een manier van verhalen vertellen, denk ik. Je moet er in elk geval creatief voor zijn.’
Marion Bruinenberg, Ontaard, Querido, 2025, 344 blz., 9789025318116.
Eerder gelezen van Marion Bruinenberg: Nieuweling
