Zeg je Jan Terlouw dan noem je spontaan een aantal titels op. Vaak worden Oorlogswinter en Koning van Katoren als eerste genoemd, terwijl het regelmatig voorkomt dat fans van zijn werk juist Pjotr het mooiste boek vinden.
Mogelijk is een woord als indrukwekkend of intrigerend passender wat wist je in de jaren ’70 en ’80 als jonge lezer van die of de wereld? Internet bestond nog lang niet, op de paar t.v.-zenders zag je niet alles, er was Van Gewest tot Gewest, of er werd voor jouw leeftijd te laat op de avond uitgezonden over een maatschappelijk kwestie, opnemen was nog nauwelijks mogelijk. Als je geluk had was er een leerkracht die breed georiënteerd je informeerde en je boeken meegaf. De l eraar die de jonge Jan ook zag, mooi stuk in het gesprek. Door het lezen over de onderwerpen die Terlouw aan het hart gingen ging er een wereld open en werd je blik verruimt.
Hij was bevlogen ten aanzien van milieu, democratie, een sociaal aspect, het vrije denken en spreken, kritisch zijn en niet zomaar volgen. Grote onderwerpen werden niet vermeden. Gevangenis met een open deur ging over een sekte, Oosterschelde, windkracht 10 (vanzelf) over de stevige discussie die gaande was of de Oosterschelde wel of niet geheel afgesloten moest worden. De protesten op de muralmuurtjes zijn lang zichtbaar gebleven. Vele van zijn boeken vallen onder de noemer geëngageerde jeugdliteratuur, en dat was smullen voor een nieuwseter, politiek geïnteresseerde en grage lezer.
Jan Terlouw was door zijn politieke carrière als partijleider van D’66 en minister van Economische Zaken voor velen geen onbekend persoon of later door zijn functies als Commissaris voor de Koningin in Gelderland of op Europees vlak. Zwart-wit journaalbeelden komen boven. Zijn kennis en ervaring gebruikte hij samen met zijn wetenschapsachtergrond voor het schrijven van zijn boeken, maar vooral gaven gebeurtenissen uit directe omgeving hem inspiratie voor de jeugdboeken.
Zijn eerste boeken werden op aandringen van zijn vrouw uitgegeven, bij uitgeverij Van Holkema & Warendorf. Hij debuteerde bij dé Biegel met Pjotr. Daarna verscheen er ook De avonturen van oom Willibrord. Later werd deze titel als Oom Willbrord uitgegeven bij uitgeverij Lemniscaat waar hij nadien zijn oeuvre uitbreidde.
Later herlas ik voor de schoolbibliotheek een aantal titels. Sommige waren inmiddels wat gedateerd door tijdgeest maar andere gaven een nieuwe blik of waren nog steeds actueel. Hoe mooi is het dat Koning van Katoren in 2020 tot titel werd gekozen voor Geef een boek cadeau. Overigens geen eenvoudig boek als je deze gaat ontleden in onderwerpen, maar gelukkig kun je dit boek op de basisschool ook als bijzonder avontuur lezen én voorlezen. Ook werd de serie Reders & Reders gelezen die hij met zijn dochter Sanne schreef, iedere vakantie ging er een deeltje mee. Het t.v.-betoog m.b.t. Het touwtje uit de brievenbus werd toevallig live gezien en nooit vergeten. In 2018 schreef Terlouw het boekenweekessay Natuurlijk. De kans werd aangegrepen om hem een keer te horen spreken. Zelfs een korte ontmoeting en signering lukte. Het mooie was dat hij júist voor de jongeren de meeste aandacht had na een bevlogen betoog over o.a. lezen.
In het voorwoord van dit boek Jan Terlouw en de kinderen van Katoren komt deze aandacht voor jongeren en het lezen ook terug: ‘Al gauw merkte ik waarover hij het liefste sprak: de kracht van verhalen. In een verhaal kun je kinderen zoveel meegeven.’
Henrieke Herber interviewde Jan Terlouw in maart van dit jaar waarna zij een rij mensen sprak die reageerden op een sociale media-oproep. In die oproep werd aan de zogenaamde ‘kinderen van Katoren’ gevraagd naar herinneringen, wat de verhalen hen had gegeven enz. Zij schreef een mooi en interessant interview met feiten, anekdoten en herinneringen. Een aantal punten komen terug in wat hierboven spontaan is geschreven, wie weet ook als kind van Katoren, waaruit blijkt dat je overeenkomende gedachten of ervaringen hebt. Iets wat ik niet wist of niet meer, was dat er één boek zijn leven lang met hem meereisde. Laat dat nu hét boek zijn dat ook bij mij een speciale plaats inneemt: Alleen op de wereld.
Een ander leuk feitje wat ik vast ooit heb gehoord is dat zowel Jan Terlouw als Paul Biegel in hetzelfde jaar een Gouden Griffel ontvingen, resp. voor Koning van Katoren en De Kleine Kapitein. Biegel die Koning van Katoren toentertijd te politiek vond om uit te geven. De Kleine Kapitein die ook nog steeds hoog op de favorietenlijst staat.
Na het voorwoord en het verslag van het interview volgen afwisselend de reacties van lezers en de rij mensen die Herber als ‘kinderen van Kantoren’ sprak. Stuk voor stuk zijn ze prettig om te lezen. Bij ieder lees je de liefde voor de boeken, de respectvolle aandacht voor de persoon Terlouw of wat je allemaal kunt bedenken en vooral worden titels genoemd waardoor zij gingen lezen, die ze onthielden, anekdotes over waardevolle ontmoetingen en verhalen die ze meenamen in hun verdere leven.
De rij wordt geopend door Sanne Terlouw, oudste dochter en ook schrijver. Bovenaan een citaat uit haar moeders boek. Ieder stukje begint overigens met een citaat waardoor de kans groot is dat je weer iets opzoekt en steeds langer in dit naar verhouding niet dikke boek bezig bent. Bij Frank Elderson, nota bene directielid van de Europese Centrale Bank, staat ‘Ik mocht Jan Terlouw de hand schudden, het voelde als een popstermoment!‘ Je snapt het gelijk. Bibi Dumon Tak, hoe leuk om ook haar hier tegen te komen, geeft aan ‘Door Jan Terlouw ben ik blijven lezen.‘. Hoe een mooi compliment kun je ontvangen, hoe belangrijk ben je dan terwijl ze ook een aandachtspunt heeft. Het stuk van Joep Boerboom, biograaf, is eveneens interessant. De zin in het kopje kun je direct citeren maar de volgende zin is voor die tijd waarin zijn kinderen opgroeiden best bijzonder: Zelfstandig keuzes maken en daar verantwoordelijkheid voor nemen.
Ook Jaap Friso’s verhaal, dat van Hannah Prins of Jan Paternotte zijn prettig om te lezen. Friso geeft aan dat de tijd waarin Terlouws jeugdboeken verschenen een ‘nieuwe tijd’ was in de Nederlandse jeugdliteratuur. Het aanbod was stukken minder dan nu, overzichtelijker, en wat ik zelf ook heb ervaren lees je bij meerderen terug, je las gewoon alles wat er uitkwam bij Lemniscaat m.b.t. sociale of probleemboeken. Over de onderwerpen zou tegenwoordig soms worden gezegd ‘niet voor tere zieltjes’, je las het toen gewoon.
Terlouw zijn verhalen waren toegankelijk en toch van literaire kwaliteit, met avontuur voorop en daarbij een boodschap. Er staat zoveel meer in en een bijzondere afsluiter is het verhaal dat Henrieke Herber schreef in de lijn van Jan Terlouw na haar gesprek met Bibi Dumon Tak.
Herber zou in een vervolgafspraak over andere punten spreken met Terlouw, helaas lukte dit niet meer. Meneer Jan Terlouw overleed in mei. Dit boek voelt als een eerbetoon. Een mooi citaat aan het eind van het interview:
‘Wat het mooiste is geweest in mijn lange leven? Het antwoord is, denk ik: het verhaal. Waarom ik een verhaal zo mooi vind? In een verhaal kun je met kinderen één worden. In een goed verhaal zit liefde, je gaat van de hoofdpersonen houden.’
Jan Terlouw en de kinderen van Katoren: je gaat vanzelf vertellen bij het zien van het boek of na het lezen over al die warme herinneringen die loskomen door verhalen en ontmoetingen. De woorden de persoon Terlouw zelf heeft teweeg gebracht.
Een prettig samengesteld, interessant en fijn leesbaar boek met zeventien gesprekken waarin ieder over de eigen ervaring vertelt en waaruit de impact van boeken blijkt. De zo kenmerkende Terlouw-taal en -visie ontbreekt niet. Een boek om ’s avonds steeds een gedeelte uit te lezen, dat goed mee te nemen is voor onderweg-lezen en vooral om een lezer van toen én ook nu mee te verrassen. Geef het cadeau aan al die vele kinderen van Katoren.
Henrieke Herber, Jan Terlouw en de kinderen van Katoren, 2025, Brooklyn, 96 blz., 9789492754769
