‘Want kabouters merken het meteen als je niet in ze gelooft.‘
‘En sprookjes bestaan ook niet.’
Zinnen als deze, een paar uit vele, maken nieuwsgierig. En helemaal ‘Verderop liggen twee benen.‘ Wat, waar, van wie? De illustratie erbij, hilarisch – een paar spillebenen in rode kousen, en dan ook nog vanonder een of andere wilde struik in een donker ongestructureerd bos met allerlei schaduwen brengen je toch echt wel in raadselachtige sprookjessferen. Een paar grootmeesters zijn zo genoemd waaraan kan worden gedacht – helaas dat zijn geen Kroonenberg & Rogaar die toch echt nog leuker zijn voor de jonge tot oudere lezer.
Bovenstaande is totaal niet het begin van Peer deel 1 dat in 2025 de Tijgerlezen-plank veroverde. En even een plek op de shortlist van De Boon Kinder- en Jeugdliteratuurprijs. Heerlijk, een jeugdboek dat in het hele Nederlandse taalgebied wordt omarmd!
Peer is ook niet het jongetje dat door drukke werkende ouders en vast nog meer wordt gedumpt, netjes gezegd afgezet, bij een soort van wazig huisje in het grote donkere bos. Dat is Kai. Voor zes weken. Kai die meer van de stad houdt met beton en kaal en zo. Zegt hij, want toen leerde hij zijn tante kennen uit dat peperkoekhuisje, die krom loopt en een stereotiepe pukkel op haar neus heeft á la heks uit een sprookje. Maar ja sprookjes bestaan niet dus is het ook geen heks en ook geen Hans-en-Grietje-huisje, toch? Maar hoe kan het dan dat ze met kabouters kan praten?
Er gaat letterlijk een wereld voor Kai open op de achterbank. Zie die grote ogen achter het autoraam. Want ‘Ik wist niet dat er zo veel bomen bestonden. / Zo veel struiken. / Zo veel takken.‘ De illustratie erbij is vol. Ja zo vol als Kai het plotseling ook om zich heen ziet. Iets is ook al snel vol als je een kale betonnen stad gewend bent vol met huizen en gebouwen. Het huisje van tante Fee (hoe ‘feeiig’ kun je ’t hebben) staat ook in een oerwoud van stammen, takken met hier en daar iets roods. Een paddenstoel? Of een voorbode naar?
Peer is overigens die kabouter. En heeft zo’n rood mutsje dat op ieders pink past. Het zou kunnen dat je denkt aan een excursie in het kabouterbos. Sommigen dan in Nederland, want plaatselijk bos en kabouterspeurtocht. Wél kreeg je na afloop een gewild kaboutermutsje op je pink. Als je doorleest ontdek je waarom die muts zo’n rol speelt in dit verhaal. Of eigenlijk niet, want die Peer heeft ook nog iets zwarts dat belangrijk is waardoor hij Kai dat kabouterbos niet kan laten zien.
Uit een andere tijdsperiode haal je ineens de op woensdagmiddagen in droge sloten ‘gekookte’ witte dovenetelsoep, iets als brandnetels. Iets soortgelijks met de geplukte bessen eten ze gedrieën(?) ’s avonds, wat de boer niet kent lust ie niet.
En zo word je als lezer van de ene in de andere situatie geloosd. Geweldig hoe je al doordacht associërend zo een verhaal vol humor, doordenkers en raakvlakken met echte (echte?) sprookjes kunt tekenen en schrijven voor lezers, iedere jonge lezers zelfs.
Op een bepaald moment in het verhaal wordt Kai gevraagd het poppenhuis uit de kelder te halen. ‘Waarom?‘ is zijn reactie en misschien ook wel van degene die dit leest. Een poppenhuis hoeft niet kinderachtig te zijn, een kelder evt. eng, onbekend eten niet vies, iets doen voor een ander zonder uitleg mag best eens gebeuren en iets tijd geven / voordeel van de twijfel. Dit zijn zomaar een paar dingen die spontaan bovenkomen als je dit leest, want moet je altijd geloven wat je dagelijks wordt voorgehouden? Zijn er ook andere waarheden, worden er opties gegeven of kun je zelf op ontdekkingstocht, moet je de massa volgen? Kunnen sprookjes dus bestaan?
‘Telkens vraag ik of Peer me het kabouterbos wil laten zien. / Morgen belooft hij dan. / Morgen of overmorgen.’
Er gebeurt nog veel meer in deze verfrissende Peer. En dat is veel leuker om zelf te lezen. Geweldig hoe een onverwachte vriendschap tussen twee totaal verschillende figuren zo snel zo vertrouwd kan voelen, en dan ook in een totaal andere omgeving. Het is uitzien naar deel 2, want eigenlijk wil je stiekem weten hoe het kabouterbos eruitziet.
Zou ik die met kabouters weinig heeft dan toch er in geloven? Maar o, ‘Alleen rare mensen geloven in kabouters.‘
Mohana van den Kroonenberg & Karst-Janneke Rogaar – Peer dl. 2, De prins op het zwarte paard
Hier kan een bespreking staan. Of zo.
Over Peer.
Deel 1 las je natuurlijk al. Dit is de tweede.
Kai en Peer gaan naar het kabouterbos. Ergens.
Als je wil weten waar dat ligt moet je dit paard lezen.
Komt goed!
Haha.
Geweldig dit. Voor kinderen en ook voor de grote lezer. Hardop lachend lees je voor.
Wat een taligheid, dubbele woordbetekenis, voorzetjes, het hele sprookjesbos vol met bomen om schat te graven en een prins op een zwart paard.
Wat een tekeningen die in enkele kleuren, uitdrukkingen en schaduwen veel vertellen.
De lol spat van het maken af. Dit is boekenmaakplezier!
Dit is leesplezier. Voor jong en oud. En leg het ook even op tafel bij tieners enzo.
Leve Mohana, Karst-Janneke en Querido met Tijgerlezen.
Lang geleden zo gelachen om een verhaal voor jonge lezers. Wat is dit goed.
G E W E L D I G
Ik ga op zoek naar het huisje van peperkoek, het is daar gezellig zeggen ze én ik wil het kabouterbos zien. ‘Dat had ik nog beloofd.’ En ik beloof dat ik een volgende weer lees. *)
Mohana van den Kroonenberg, De prins op het zwarte paard, illustrator Kars-Janneke Rogaar, Querido, 2026, 112 blz., 9789045132075
*) bovenstaande is een op 30 mei nogal spontaan geschreven post op sociale media direct na het lezen, het zegt wel iets, veel dus over hoe leuk en goed deze boeken zijn. En ook over deze samenwerking – die van elkaar aanvullende en stimulerende creatieve geesten voor tijdloos lezen van waarde.
Tot slot: deel 1 werd nogmaals uit de bibliotheek gehaald om nu ook iets hierover te schrijven, ook min of meer spontaan met gedachten en associates. Dat is wat Peer met deze lezer doet! Tip: haal het in huis voor je kind, zet in de schoolbibliotheek voor alle leeftijden. Einde bericht tot deel 3.
Zie voor meer beginnende lezersboeken, ook Tijgerlezen waaronder de fantastische Bob Popcorn,
het overzicht op Lezersgoud: Starten met lezen is geweldig!
