Reinier Sonneveld heeft een van de origineelste verhaalintro’s die ik ooit gelezen heb: vastzittend op het hoogste punt van een achtbaan in Plopsaland. Terwijl hij daar met zijn zoon de tijd tot redding uitzit, raakt hij in gesprek met een man achter hen. Deze Ilya wordt de hoofdpersoon van De geheimen van Sterrenstad.
De titel trok mijn aandacht: het kon niet anders dan dat met ‘Sterrenstad’ dat plaatsje Zvjozdniy Gorodok bedoeld werd waar ik zelf in een periode vlak voor de coronatijd langs ben gereden. We hadden de dag ervoor het Kosmonautenmuseum in Moskou bezocht, waar ik hoorde dat Sterrenstad toen ook door toeristen te bezoeken was. Het leek me ontzettend tof om dat tijdens een latere reis te doen – helaas zal het er waarschijnlijk lange tijd vanwege bekende geopolitieke redenen niet van komen.
Vóór de tijd van de ruimtevaartsamenwerking tussen Rusland, Verenigde Staten, Japan en Europa was het opleidingscentrum voor kosmonauten een gesloten omgeving. Dat blijkt ook uit het boek van Sonneveld. Ilya woont met zijn ouders in een oord tussen hoge muren, waar soldaten altijd patrouilleren, een avondklok is ingesteld en er ’s avonds geen lichten mogen branden. Oftewel de vijanden van de Sovjets (de Amerikanen!) mogen Sterrenstad niet vinden.
Van jongs af aan heeft Ilya al een onderzoekende persoonlijkheid. Aangespoord door zijn vader zoekt hij bijvoorbeeld in huis naar kapotte dingen en aanwijzingen om ze te repareren. Die manier van observeren gebruikt hij ook als zijn vader verdwijnt, want zelfs na het verschrompelen van de achtergelaten appel die de belofte van een snelle terugkeer inhoudt, blijft hij alleen met zijn moeder in hun appartementje. Hij neemt aan dat zijn vader waarschijnlijk voor zijn werk geheime dingen moet doen en zoekt dan ook niets achter de verdwijning. Verder wordt er door niemand gesproken over verdwijningen: als je dat doet kom je vijandelijk over richting de staat.
De lezer kan dus met Ilya zijn verwondering meevoelen wanneer hij er in de bibliotheek achter komt dat hun eigen Sterrenstad niet op de atlaskaarten staat en dat beroemde kosmonauten van latere foto’s zijn verdwenen.
In Zlata vindt hij een vriend, iemand die zonder te veel woorden ook graag dingen uitpuzzelt. Is dat omdat haar vader ook weg is? Zitten ze in een ruimteschip? Tijd om een poging te wagen hun geschreven brieven naar het rondvliegende ruimtevaartuig te krijgen, want Ilya wil dat zijn vader terugkomt. Het ‘Laikagevoel’ van alleen in een grote ruimte te zweven moet weg.
Een lezer met minder historische kennis van de Koude Oorlog zal De geheimen van Sterrenstad eerder als een avonturenverhaal zien. Op een gegeven moment bouwt Sonneveld het verhaal zeker in de richting van een climax op.
Dit boek is wat je een ‘meegroeiboek’ zou kunnen noemen: zodra de lezer iets ouder wordt en op school of thuis meer over de geschiedenis leert, snapt deze dat Sonneveld de context niet uit zijn duim gezogen heeft. Ikzelf vond dat de levenssfeer goed gevat was (alhoewel ik me beroep op andere historische bronnen, niet op eigen ervaring). Vooral vond ik mooi aan het boek dat de thema’s zoals het missen van een familielid en vriendschap de boventoon voerden.
Zonder de inhoud te verklappen dacht ik bij de scène rond de climax even dat het allemaal wel erg makkelijk ging. Daarna draait Sonneveld het verhaal echter weer terug naar het achtbaankarretje uit de eerste bladzijden.
Terwijl bijna iedereen inmiddels gered is heeft hij nog een gesprek met de volwassen Ilya over fantasie en waarheid. En juist die bladzijden maken dat dit goede verhaal ‘sterk’ wordt: het thema echt-nep krijgt hier een tweede dimensie. Zijn er altijd harde bewijzen nodig voor een verhaal; heeft iets niet bestaan als er geen bewijs is of kunnen er ook twee versies van eenzelfde geschiedenis bestaan? Een toevoeging van de filosoof Reinier Sonneveld.
Om terug te komen op ‘meegroeiboek’: het laatste hoofdstuk biedt dus handvatten om een gesprek te voeren over het vertellen van verhalen, het onderzoeken en gebruik van waarheid, hoever je bereid bent voor een ander te gaan. Kan dus in de onderbouw van de middelbare school ook nog.
De geheimen van Sterrenstad is een boek dat ik met deels wetenschappelijke, historische en deels verhaalinteresse gelezen heb. Het pakte uit als een zeer gelaagd verhaal met historie, emotie en wetenschap. Dit had ik als kind graag gelezen, en nu nog steeds!
Reinier Sonneveld, De geheimen van Sterrenstad, Lemniscaat, 2026, 222 blz., 9789047718499.
