Door Irene en Mireille
Hoe werkt politiek? Wie is de baas? Alles over politiek (en hoe het werkt) is een verfrissend boek voor jonge lezers dat belangrijke gebeurtenissen uit de laatste jaren meeneemt en tegelijk met behulp van de illustraties van Melanie Drent laat zien hoe landelijke en internationale politiek aansluit bij de belevingswereld van kinderen.
Een boek over de werking van de democratie is aan te bevelen, zeker als de boodschap is dat je je er niet afzijdig van kunt houden. We voegen zo’n boek graag toe aan de database op Lezersgoud. Omdat we het een belangrijk onderwerp vinden waarvan iedereen notie moet nemen, lezen we het kritisch. Wie is de baas? is een goed boek, maar we hebben wel enkele redactionele aandachtspunten.
Een boek voor iedereen die denkt dat hij/zij/hen niet zoveel met politiek te maken heeft! Direct in de intro maakt Arwen Kleyngeld al duidelijk hoeveel jouw ontbijt met regels te maken heeft.
Het eerste hoofdstuk geeft inzicht in hoe politiek alle details in je leven beïnvloedt met verhalen over een schoolplein en voetbalveldje als voorbeeld.
De auteur gaat verder met de diverse aspecten van (de geschiedenis van) het Nederlandse bestuur. Dit vinden we verfrissend ten opzichte van andere uitgaven over democratie: er wordt eerst ingezoomd op de Nederlandse situatie in plaats van op de geschiedenis van de democratie. Het versterkt de boodschap aan de Nederlandse lezer dat politiek invloed heeft op ieders leven, ook hier.
Het valt ons in dit hoofdstuk op dat meerdere alinea’s van verschillende pagina’s bij elkaar gezet hadden kunnen worden om het tot een logischer en overzichtelijker geheel te maken.
Bijvoorbeeld ten aanzien van de werking van het parlement: er wordt op blz. 34 verteld dat het parlement meer macht heeft dan de koning en dat we een constitutionele monarchie hebben. De uitleg van de definitie die dan gegeven wordt is ‘dat het parlement de beslissingen neemt’. Ook staat er dat ‘de Tweede Kamer belangrijker is dan de Eerste Kamer’, omdat de wetten die de regering maakt daar gecontroleerd worden. Dat is op dat moment te kort door de bocht en niet kloppend.*
Pas op blz. 38 wordt er beter ingegaan op de Eerste Kamer (ook al lees je dan nog steeds niets over de verkiezing van Eerste Kamerleden, informatie die over de Tweede Kamer wel gegeven wordt) en op blz. 41 op de monarchie. De jongere lezer heeft dus wel een uitdaging om stukken informatie aan elkaar te knopen om een volledigere uitleg over de gang van zaken te krijgen; dat geldt misschien eveneens voor de oudere lezer die zich niet uit zichzelf voor politiek interesseert.
Trias politica
Een sterk punt aan Wie is de baas? is de uitgebreide uitleg over de trias politica én dat Kleyngeld daar in het vervolg steeds naar verwijst. Het is niet een begrip dat zomaar bij democratie hoort, maar de basis van de werking van onze democratie. Eveneens helpend is de overzichtelijke illustratie die je helpt onthouden wie welke rol heeft in het driemachtenstelsel.
Zo kunnen kinderen het systeem van de scheiding der machten ook op hun sportclub leren herkennen. Het actuele voorbeeld wat betreft regels en controleren wordt gegeven is de corona-noodwetgeving uit 2020.
Na Nederland worden andere politieke ideeën en “-ismes” besproken. Goed dat uitgelegd wordt dat elke politicus vanuit een bepaalde grondgedachte handelt. Zelfs het ecologisme wordt genoemd, dat in de politiek de nieuwste stroming is.
Na de meer tekstuele uitleg en een intermezzo over links-rechts volgt een visuele uitleg over de stromingen. Hoe verdeel je namelijk vijf ijsjes onder zes kinderen?
Ook hier moet je soms informatie van twee pagina’s met elkaar combineren om tot een complete uitleg te komen, zoals bij het fascisme. In de afbeelding staat duidelijk dat het om de sterkste/slimste mensen in de samenleving gaat, in de tekst is dat niet vermeld. Daar lijkt het alleen om een “gewone” dictator te gaan zonder het “sterkte-zwakte”-ideaal dat het fascisme kenmerkt.
Wereldpolitiek
Vervolgens wordt de blik verschoven naar de wereldpolitiek: Verenigde Naties, Europese Unie en andere organisaties die zich met eigen thema’s bezighouden. De voordelen van het internationaal samenwerken worden duidelijk benoemd.
Het lijkt op dat moment alleen een positief verhaal zonder aandacht voor de vervelende kanten van het internationale werk. De zin ‘Samen ben je sterker dan alleen, dus het is makkelijker om goede afspraken te maken’ staat er zonder verdere context. Dat een internationale organisatie als de EU juist stroperig werkt omdat je gezamenlijke (wet)teksten moet schrijven waar iedere lidstaat zich in kan vinden en elk land andere belangen heeft, staat er niet bij.
Nog een aspect van niet helemaal goed functionerende wereldpolitiek is dat er wel mooie verdragen bestaan, maar dat niet ieder land zich eraan houdt. Ook al is dat in een voorbeeld als bombardementen op een land voor iedere verdragdeelnemer duidelijk, staten kunnen er alleen op worden aangesproken zonder dat andere landen echt kunnen ingrijpen.
Dit was een goed moment geweest om aan te geven dat in een later hoofdstuk wordt ingegaan op problemen in de wereldpolitiek. De president van de Verenigde Staten blijkt een eigen draai te kunnen geven aan de regels…
Tot slot gaat het over media en hun relatie tot de politiek: in feite treden ze op als een vierde macht. Media zijn nodig om wetgevers, regering en rechters te controleren: ze laten zien aan het volk wat er gebeurt en vice versa vertolken ze de stem van de burger. Persvrijheid is essentieel voor deze rol.
Nog niet genoemd is dat door het hele boek heen leuke feitjes vermeld staan over bijvoorbeeld het handtasgebruik van koningin Elizabeth en andere geheime politieke codes.
De illustraties van Melanie Drent zijn zeer passend bij tekst en lezersdoelgroep. Bekende gebouwen en personen zijn herkenbaar getekend met bijvoorbeeld attributen die ze vaak bij zich hebben. Soms zie je een grapje in een tekening.
In algemene zin dragen de afbeeldingen erg bij aan de uitleg van containerbegrippen als trias politica en processen zoals het stemmen in Nederland. De spread van blz. 52-53 laat zien hoe de rechten uit de grondwet gekoppeld zijn aan de leefomgeving. Goed bedacht en uitgevoerd!
Aan het eind van het boek staat een bingokaart die je uitdaagt details van tekeningen terug te zoeken.
Aandachtspunten
De ondertitel van Wie is de baas? is alles over politiek (en hoe het werkt). Juist het woord ‘alles’ is pretentieus. Alleen al over het ontstaan en politiek-economische werking van de Europese Unie zijn dikke boeken geschreven. Sterker nog, elk tussenkopje in Wie is de baas? biedt aanleiding tot het uitdiepen van het daar genoemde onderwerp.
Het is dus knap te noemen dat Arwen Kleyngeld er een handzaam leeswerk van heeft gemaakt. Wie is de baas? is namelijk een goed eigentijds non-fictieboek voor kinderen over politiek ver en dichtbij. Het is niet eenvoudig om met zo’n groots en serieus onderwerp in 160 pagina’s een overzicht te creëren en kinderen te laten doordringen van het belang van politiek, hun rol daarin en van het zich informeren in politiek. Dat laatste zou iedereen moeten doen! Daartoe biedt dit boek een goede introductie.
Het valt voor ons niet te beoordelen of dat wat door ons in eerdere alinea’s als aandachtspunt is genoemd, eerder wel/niet door de auteur in het manuscript is gezet. Een redactie drukt doorgaans ook haar stempel op de tekst. Gezien andere journalistieke en boekpublicaties van Kleyngeld heeft ze veel kennis in huis en is ze wel gewend aan het overbrengen van kennis op diverse doelgroepen.
Er had ons inziens secuurder gekeken kunnen worden naar de opbouw, indeling en heel soms zinsopbouw van het boek. Een duidelijk voorbeeld is de tussenkopjes waar trias politica wordt uitgelegd: daar had ‘Controleren’ met ‘Samen verdelen’ moeten worden omgedraaid.
Ook zijn er losse spreads met regeringsgebouwen, waarbij geen uitleg staat over de keus van die specifieke gebouwen. De eerste die beschreven wordt is het Kremlin; dat komt uit de lucht vallen en kan de lezer de indruk geven dat in het Kremlin de belangrijkste regering van de wereld zit. Al deze regeringsgebouwen bij elkaar zetten in plaats van over het boek verdelen zorgt voor meer samenhang.
Mogelijk is deze titel door de vervroegde verkiezingen in 2025 sneller in de winkel gekomen. Het zou leuk zijn om het samen (met makers, uitgeverij) te hebben over de totstandkoming van het boek.
Zo zie je maar: over bestuursvormen raken we met z’n allen niet uitgepraat. En het is tekenend voor een goed werkende democratie dat we boeken over dit thema met kritische blik kunnen bekijken. Iedereen heeft een aandeel in een goed functionerende informatievoorziening: auteur, uitgever, lezer. Zie hier alweer een prachtige trias politica!
Arwen Kleyngeld, Wie is de baas? Alles over politiek (en hoe het werkt), ill. Melanie Drent, Luitingh-Sijthoff, 160 blz., 2025, 9789021058122.
Zie ook het dossier over Veiligheid en weerbaarheid (jeugd).
*Op de site van parlement.com staan de taken en bevoegdheden uitgelegd.
