12 maart 2026

Anke Kranendonk & Marijke Klompmaker – Ik ben Guus(je)

Dit is nu een boek dat die snelle jonge lezer gelukkig maakt. Nee, gretiger dan gretig is nog beter. Anke Kranendonk kan het als geen ander: verrassen met een verhaal. Maar eerlijk? Marijke Klopmaker verrast dit keer nog meer, geweldige illustraties.

De Guus uit de titel moet opboksen tegen twee oudere broers. Dat opboksen doet ze zelf want ze moet niets, maar zeg dat maar eens tegen de stoere Guusje. Dat ze eigengereid is zie je al aan de Guus op het omslag: balancerend op een trap, even de naam aanpassen, dat je het maar weet dat ze zo heet.
‘Ik ben Guusje.
Daar begint het al mee.
Guus JE.
Ik ben geen -je
Ik ben
GUUS.’

Guus dus. Het gegeven zal herkenbaar voor velen zijn. Je stoerder voordoen en of het spiegelen aan de ander. Bijv. als je jonger bent, je al groot voelt, niet de oudste in een gezin bent, hetzelfde willen kunnen en doen, niet echt houdt van een prinsessenoutfit en al helemaal niet als je al kan lezen. Net misschien, maar toch, je kúnt lezen. Guus past zonder meer in de genoemde opsomming. Ook in die groep die wars is van verkleinwoordjes en zeker die van namen. Terecht merkt ze op: ‘Ik blijf niet mijn hele leven een baby.’

In krachtje wervelwind wordt zogezegd Guus’ doopceel gelicht. Na het voorstelpraatje worden beknopt en toch een beeld schetsend haar broers besproken. Getekende praatwolkjes zijn helpend voor leesbaarheid, wat details voor de leuk en sprekende tekeningen voor beide. Wie goed leest bemerkt al een voorzetje op wat komen gaat, wat een toffe Peer. Beeldend hoe inzichtelijk de verhoudingen in grootte en leeftijd zijn gemaakt. Ook wordt even afgerekend met het feit ‘En je bent een meisje.’, zo’n uitspraak is natuurlijk extra stimulerend om iets juist wél te realiseren voor die stoere Guus.

Onbewust moedigen de broers door hun uitspraken Guus aan tot het lezen van andere boeken. Haar boeken gaan over onderwerpen waardoor je ‘niet groot en sterk en stoer‘ wordt. De voortvarende Guus trekt de conclusie dat ze andere moet hebben. Ha, die van de grootste broer! Niks klein, niks geen baby, kom maar op met dat ridderverhaal!

Een klassiek gegeven volgt, het lezen onder de dekens met lamp. Lief gaan slapen en tot morgen en ‘Ga nu maar‘ nadat is gevraagd of er nog gelezen mag worden. Het avontuur kan van start. Haast met rooie oortjes en tong brekend leest Guus in het boek van Peer. Er volgt een avontuur. Ze leert woorden kennen. Of niet. En vraagt zich intussen allerlei af. Voetstappen, het licht uit!
Een ridder.
Een heel mooi meisje.
Knallen in de lucht.
En veel lange woorden
.’
Alle reden tot doorlezen als de kust veilig is. Guus leest, nog meer en stiekem. Guus blijft lezen. Tot er een monster binnenkomt. In het donker. Die kan Guus nu wel aan, en springt!

Ik ben Guus is een Tijgerlezenboek dat je blijft oppakken. Zelfs als volwassene grinnik je net zo hard bij een tweede keer lezen. Ook als dat een paar maanden later is. Wat een taligheid van Anke Kranendonk, wat een humor, wat een associatief denken, wat een vaart in dit verhaal-in-een-verhaal. Met begrippen wordt gestrooid als ook met diverse werkwoorden. Moeilijke of lange woorden worden niet geschuwd – je leest tenslotte ook een verhaal bedoeld voor een oudere broer – gevalletje logisch denken en je plukt eruit wat je snapt of anders begrijp je later wel wat dat ene woord in ‘Guus’ betekent. Zowel het beschermende van de oudere broer als het opkijken ernaar zie je goed terug in de scène met de fietsen. Tekstbegrip en illustratie leren kijken komen samen. Ook hier valt weer allerlei af te lezen aan Klompmakers werk: de teleurgestelde houding op een (al te kleine?) fiets waarvan de zijwieltjes nog maar net lijken af te zijn geschroefd, en dan die (te grote?) racefiets die nog op snelheid moet komen.

Aan emoties overigens ook geen gebrek welke meer dan geweldig in beeld zijn gebracht. Die rennende Guus waarvan de wilskracht vanaf spat, het inventief op een stapel boeken staan of de gretige leesblik onder het dekbed met bijna ’t zweet op het hoofd en waarvan spanning vanaf valt te lezen. Dat het verhaal-in-verhaal spannend is zie je ook goed terug op de bladzijde van het citaat hierboven. Guus heeft zich helemaal ingeleefd, je ziet de beelden als het ware geprojecteerd terwijl ze luistert of de voetstappen op de gang verdwijnen.

De vraag kan ontstaan, als je het boek niet in handen hebt, of een raamvertelling geschikt is voor jonge lezers. Jazeker wel, is direct het antwoord want Marijke Klompmaker heeft dit op sublieme wijze opgepakt – tegelijkertijd een compliment voor vormgevers en uitgever. De werkelijkheid is door kleur van tekst en achtergrond of illustratie goed te onderscheiden van het fictiedeel. Of een donkere die toch wel echt goed overkomt. Daarnaast zie je woorden in kleur gedrukt, soms benadrukt met extra kleur, detailtekeningen of een initiaal in het ridderverhaal wat gelijk weer een zijsprongetje geeft. Het is genieten van begin tot eind. Het eind dat een vleug ontroering en dapperheid met zich meebrengt om vervolgens voluit in de lach te schieten. Die Guus, die stoere Guus, lees veel, droom groot!

Anke Kranendonk heeft een enorm oeuvre van prentenboek tot young adult, waarvan veel is gelezen. Eén titel voor jongere lezers is en blijft geweldig: Kees naar de koeien, ook met eenzelfde vaart en humor geschreven. Een andere is bijv. Beer en Faas. In 2017 ontving zij een Bronzen Griffel voor Lynn 3.0. Door het prentenboek Opa, ga je mee?, ill. Liset Celie, krijg je spontaan zin in zomer. In oktober 2025 kreeg Roos redt de brandweer de Sardes Leespluim met de kleurrijke illustraties van Puck Koper.

Marijke Klompmaker kent eveneens een flink oeuvre, van prenten-, lees- tot informatieve boeken. Waar is Polle Poes? is een geweldig kijk- en zoekboek. Een Zilveren Penseel kreeg zij toegekend voor Alles wat was, hoe ga je om met afscheid met tekst van Stine Jensen. De bijzonder fraaie illustraties in Iemand in het bijzonder, verhalen over markante vrouwen van Arend van Dam is ook een aanrader om te bekijken. Ook kun je haar werk kennen van het jaren eerder verschenen omslag van Ootje door Lida Dijkstra.

Ik ben Guus doet het motto eer aan: Tijgerlezen is gelukkig (leren) lezen!
Ik ben Guus, fantastische illustraties, sterk verhaal: zo ga je lezen, zo blijf je lezen. Meer van deze kunst voor de jonge lezers blijft welkom. Kunst die lezers in de bovenbouw stiekem vast ook lezen. Wie weet onder het dekbed met een zaklamp.

Anke Kranendonk, Ik ben Guus, illustrator Marijke Klompmaker, Querido, 2025, 88 blz., 9789045131542

Meer van deze makers op Lezersgoud:
Anke Kranendonk – Bok ontsnapt!
Anke Kranendonk – Kees naar de koeien
Anke Kranendonk & Puck Koper – Roos redt de brandweer!
Anke Kranendonk & Liset Celie – Opa, ga je mee?
Anke Kranendonk – Beer en Faas en de stalen oppas
Anke Kranendonk & Annette Fienieg – De trip van Kip
Zomerlezen jeugd dl. 1- Brand

Marijke Klompmaker – Waar is Polle Poes?
Arend van Dam – Iemand in het bijzonder
Arend van Dam – De droom van Amalia

Starten met lezen is geweldig!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *